|
Algemene vragen
Vraag:
1. Is het duizendjarig vrederijk de nieuwe hemel en de nieuwe aarde?
Antwoord:
De profeet Jesaja schrijft over de nieuwe hemel en de nieuwe aarde het volgende:
Jesaja 65:17: Want zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Aan de vorige dingen zal niet meer gedacht worden, ze zullen niet meer opkomen in het hart.
Jesaja 65:18: Maar wees vrolijk en verheug u tot in eeuwigheid in wat Ik schep, want zie, Ik schep Jeruzalem een vreugde en zijn volk blijdschap.
Jesaja 65:19: En Ik zal Mij verheugen over Jeruzalem en vrolijk zijn over Mijn volk. Geen stem van geween zal erin meer gehoord worden, of een stem van geschreeuw.
Jesaja 65:20: Daar zal niet meer zijn een zuigeling die maar enkele dagen leeft of een oude man die zijn dagen niet zal volmaken, want een jonge man zal sterven als een honderdjarige, maar een zondaar, al is hij honderd jaar, zal vervloekt worden.
We lezen in vers 20 dat er nog mensen sterven tijdens de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. In het boek Openbaring volgens de profeet Johannes is dit echter niet mogelijk volgens onderstaande Bijbelteksten:
Openbaring 21:1: En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan. En de zee was er niet meer.
Openbaring 21:2: En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, neerdalen van God uit de hemel, gereedgemaakt als een bruid die voor haar man sierlijk gemaakt is.
Openbaring 21:3: En ik hoorde een luide stem uit de hemel zeggen: Zie, de tent van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen zijn en hun God zijn.
Openbaring 21:4: En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn. Want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.
Volgens vers 4 zal de dood er niet meer zijn. Dus als Jesaja profeteert over de nieuwe hemel en de nieuwe aarde dan heeft hij het over het duizendjarig vrederijk.
Dit is dus niet hetzelfde als de nieuwe hemel en nieuwe aarde volgens het boek Openbaring. Wij kunnen dit weten omdat in vers 1 staat dat op de nieuwe aarde de zee er niet meer zal zijn,
terwijl de profeet Ezechiël over de nieuwe tempel tijdens het duizendjarig vrederijk het volgende profeteert:
Ezechiël 47:8: Hij zei tegen mij: Dit water stroomt weg naar het oostelijke gebied en stroomt in de Vlakte naar beneden en komt in de zee. In de zee uitgestort, wordt het water gezond.
Ezechiël 47:9: Het zal gebeuren dat alle levende wezens die er wemelen, overal waar een van beide beken naartoe komt, zullen leven. Daar zal zeer veel vis zijn, omdat dit water daarheen komt, en alles waarheen deze beek komt, zal gezond worden en leven.
Ezechiël 47:10: Verder zal het gebeuren dat er vissers langs zullen staan vanaf Engedi tot En-Eglaïm. Er zullen droogplaatsen voor sleepnetten zijn. Hun vis zal van elke soort zijn, zeer talrijk, zoals de vis in de Grote Zee.
De zee is dus tijdens het duizendjarig vrederijk nog aanwezig. En ook bij de grenzen van het land wordt van de zee melding gemaakt:
Ezechiël 47:15: En dit is de grens van het land: aan de noordzijde: van de Grote Zee, in de richting van Hethlon tot waar men in Zedad komt:
Ezechiël 47:19: En de zuidzijde naar het zuiden: vanaf Tamar tot het water van Meribath-Kades, langs het beekdal naar de Grote Zee. Dat is dan de zuidzijde naar het zuiden.
Ezechiël 47:20: En de westzijde: de Grote Zee van de grens tot recht tegenover Lebo-Hamath. Dat is de westzijde.
We concluderen dus dat als de profeten van het Oude Testament over de nieuwe hemel en nieuwe aarde profeteren, zij over het duizendjarig vrederijk profeteren.
De profeet Johannes van het boek Openbaring in het Nieuwe Testament heeft het echter over de nieuwe hemel en nieuwe aarde na het duizendjarig vrederijk waar geen dood en zee meer zal zijn.
Na het duizendjarig vrederijk vindt het laatste oordeel plaats volgens Openbaring hoofdstuk 20 vers 11 t/m 15. We halen de Bijbelteksten er eens bij:
Openbaring 20:11: En ik zag een grote witte troon, en Hem Die daarop zat. Voor Zijn aangezicht vluchtten de aarde en de hemel weg, zodat er geen plaats meer voor hen te vinden was.
Openbaring 20:12: En ik zag de doden, klein en groot, voor God staan. En de boeken werden geopend en nog een ander boek werd geopend, namelijk het boek des levens. En de doden werden geoordeeld overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, overeenkomstig hun werken.
Openbaring 20:13: En de zee gaf de doden die in haar waren. Ook de dood en het rijk van de dood gaven de doden die in hen waren, en zij werden geoordeeld, ieder overeenkomstig zijn werken.
Openbaring 20:14: En de dood en het rijk van de dood werden in de poel van vuur geworpen. Dit is de tweede dood.
Openbaring 20:15: En als iemand niet bleek ingeschreven te zijn in het boek des levens, werd hij in de poel van vuur geworpen.
In vers 15 lezen we dat als iemand niet in het boek des levens is ingeschreven hij in de poel van vuur wordt geworpen voor de eeuwigheid, de tweede dood.
De mensen die op de nieuwe hemel en nieuwe aarde worden toegelaten zijn dus alleen nog maar diegene die in het boek des levens zijn ingeschreven.
We lezen echter in Openbaring hoofdstuk 21 en 22 dat er wel nog heidenvolken aanwezig zijn, volgens onderstaande Bijbelteksten:
Openbaring 21:24: En de naties die zalig worden, zullen in haar licht wandelen, en de koningen van de aarde brengen hun heerlijkheid en eer erin.
Openbaring 21:25: En haar poorten zullen overdag nooit gesloten worden, want daar zal geen nacht zijn.
Openbaring 21:26: En zij zullen de heerlijkheid en de eer van de naties daarin brengen.
Openbaring 21:27: Al wat onrein is, zal er niet inkomen, en ook niemand die zich bezighoudt met gruwelen en leugens, maar alleen zij die geschreven zijn in het boek des levens van het Lam.
Openbaring 22:02: In het midden van haar straat en aan de ene en de andere zijde van de rivier bevond zich de Boom des levens, die twaalf vruchten voortbrengt – van maand tot maand geeft Hij Zijn vrucht. En de bladeren van de boom zijn tot genezing van de heidenvolken.
Openbaring 22:14: Zalig zijn zij die Zijn geboden doen, zodat zij recht mogen hebben op de Boom des levens, en opdat zij door de poorten de stad mogen binnengaan.
Openbaring 22:15: Maar buiten bevinden zich de honden, de tovenaars, de ontuchtplegers, de moordenaars, de afgodendienaars en ieder die de leugen liefheeft en doet.
We komen dus tot de conclusie dat tijdens de nieuwe hemel en de nieuwe aarde nog heidenvolken aanwezig zijn, wiens namen zijn opgeschreven in het boek des levens.
Dit betekent dus dat Openbaring hoofdstuk 21 en 22 een beeld is van de toestand na het duizendjarig vrederijk tijdens de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.
Volstrekt logisch en chronologisch. Dit verklaart ook onderstaande Bijbeltekst in hoofdstuk 22 dat wij zelfs na het duizendjarig vrederijk zullen regeren tot in eeuwigheid.
Openbaring 22:5: En daar zal geen nacht zijn, en zij hebben geen lamp en ook geen zonlicht nodig, want de Heere God verlicht hen. En zij zullen als koningen regeren in alle eeuwigheid.
Index
|